Stockholm-syndroom in relaties en opvoeding

Omdat bij narcistisch misbruik sprake is van een mentale gijzeling binnen de relatie en/of opvoeding, kan het Stockholm-syndroom optreden: ondanks dat je mishandeld wordt, heb je toch sympathie voor de misbruiker. 

 

www.omstandersvan.nl narcistisch misbruik jasmijn couwenberg boek narcistische wereld ontvlucht narcisme borderline stockholm syndroom mishandeling

'Ik weet dat hij me mishandelt, maar toch hou ik van hem.'

 

'Ik weet dat ze me mishandelt, maar ik wil zo graag bij haar zijn.'

 

Herkenbaar?

 

Door narcistisch misbruik ontstaat een sterke, ziekmakende, emotionele binding tussen jou en de narcist/borderliner. Je wilt weg, maar ook weer niet. Je gaat weg, maar komt steeds weer terug.

 

Sympathie voor de dader

Wat hier gebeurt, heeft te maken met het Stockholm-syndroom. Dit kan optreden wanneer je in een bedreigende situatie geen enkele manier ziet om te vluchten (ongeacht of die er wel is).

 

Vanuit overlevingsdrang ontwikkel je sympathie voor degene die jou kwaad doet. Je móet wel overleven, dus dan maar op deze manier. Je kunt écht gaan geloven dat je van de ander houdt.

 

Hoe ontstaat deze sympathie precies?

In mijn boek 'De narcistische wereld ontvlucht' leg ik zeer gedetailleerd uit hoe en waarom die sympathie precies ontstaat, wat het Stockholm-syndroom precies inhoudt en hoe dit zich openbaart. Dan begrijp je pas waarom het vaak voelt alsof je met onzichtbare touwtjes aan de narcist/borderliner vast lijkt te zitten, en leer je deze touwtjes door te knippen.

 

Symptomen Stockholm-syndroom

Volgens Dee L.R. Graham (in zijn boek 'Loving to Survive: Sexual Terror, Men's Violence and Women's Lives') dienen enkele van de volgende symptomen aanwezig te zijn om van het Stockholm-syndroom te kunnen spreken.

 

Het slachtoffer moet:

 

1. symptomen vertonen van een posttraumatische stress-stoornis, zoals vermijding van herinneringen aan de gijzeling

2. gehecht zijn geraakt aan de agressor

3. de agressor dankbaar zijn voor zijn of haar vriendelijkheid

4. enige vorm van geweld ontkennen of dit rationaliseren

5. waakzaam zijn en een sterke drang voelen om de agressor tevreden te stellen

6. de wereld vanuit het perspectief van de agressor zien en niet in staat zijn om een eigen perspectief te vormen

7. mogelijke bevrijders als bedreiging zien en de agressor als beschermer zien

8. het moeilijk vinden om zich te scheiden van de agressor en

9. bang zijn voor wraak van de agressor 

 

Bij wie treedt het op?

Het Stockholm-syndroom kan optreden bij gegijzelden, ontvoerden, concentratiekampgevangenen, slachtoffers van loverboys, en mishandelde mannen, vrouwen en kinderen. Wat zij met elkaar gemeen hebben, is dat zij allen fysiek en/of mentaal gegijzeld worden.

 

Gijzeling in een bank

De naam Stockholm-syndroom ontstond naar aanleiding van een zes dagen durende gijzeling in een bank in Stockholm in 1973. Vier medewerkers werden opgesloten, herhaaldelijk mishandeld en bedreigd met de dood.

 

Het verrassende en paradoxale was dat de gegijzelden sympathie ontwikkelden voor de gewapende overvaller, zich met hem identificeerden, hem adviseerden, de politie als vijand zagen en na de bevrijding hem bleven verdedigen. Ze zagen hém als slachtoffer en één van hen verloofde zich zelfs met hem.

 

Commentaren: 0 (Discussie gesloten)
    Er zijn nog geen commentaren.